We houden allemaal van onze huisdieren. Het zijn onze maatjes, ze slapen soms bij ons op bed en we worden begroet met enthousiaste likken in ons gezicht. Maar juist door die nauwe band is hygiëne ontzettend belangrijk. Een van de meest onderschatte onderdelen van de verzorging is preventief ontwormen.
Veel baasjes denken: “Ik zie geen wormen in de ontlasting, dus mijn dier heeft ze niet.” Helaas is dat een van de grootste misverstanden. In deze blog lees je waarom een regelmatig schema van levensbelang is.
1. Een gezonde buitenkant is geen garantie
Wormen zijn meesters in verstoppertje spelen. Tegen de tijd dat je daadwerkelijk wormen in de ontlasting of het braaksel van je hond of kat ziet, is de besmetting vaak al in een vergevorderd stadium.
In de vroege stadia merk je vaak niets aan je huisdier. Toch kunnen wormen (zoals spoelwormen, lintwormen, haakwormen en zweepwormen) inwendig al schade aanrichten. Ze “stelen” voedingsstoffen, veroorzaken darmontstekingen of tasten organen aan.
Let op deze (vaak late) symptomen:
- Doffe vacht
- Gewichtsverlies ondanks goede eetlust
- Sleetje rijden (met de billen over de grond schuren)
- Hoesten (bij hart- of longworm)
- Diarree of braken
2. Het gevaar voor je eigen gezin
Dit is misschien wel de belangrijkste reden om te ontwormen: wormen zijn besmettelijk voor mensen. Dit noemen we een zoönose.
Vooral de spoelworm vormt een risico. Dieren poepen eitjes uit die in de omgeving (tuin, zandbak, park) terechtkomen. Deze eitjes zijn microscopisch klein en extreem taai; ze kunnen jarenlang in de grond overleven.
- Kinderen: Omdat kinderen vaak in het zand spelen en daarna hun vingers in hun mond stoppen, lopen zij het grootste risico.
- Gevolg: Bij mensen groeien de eitjes niet uit tot volwassen wormen, maar de larven reizen wel door het lichaam. Ze kunnen terechtkomen in de lever, longen of zelfs in de ogen, waar ze ontstekingen en in zeldzame gevallen blindheid kunnen veroorzaken.
Feit: Uit onderzoek blijkt dat een aanzienlijk deel van de zandbakken in Nederland besmet is met spoelwormeitjes. Regelmatig ontwormen van huisdieren verlaagt deze besmettingsdruk in onze leefomgeving.
3. Nieuwe gevaren: De opmars van de longworm en hartworm
Vroeger maakten we ons vooral zorgen om darmwormen. Tegenwoordig zien we, mede door klimaatverandering en reizen, ook andere parasieten vaker:
- Franse Hartworm / Longworm: Deze wordt overgebracht door slakken en naaktslakken (of het slijm daarvan). Als je hond een slak eet of aan slijm likt (bijvoorbeeld op een speeltje dat buiten heeft gelegen), kan hij besmet raken. Dit kan leiden tot ernstige longproblemen en stollingsstoornissen.
- Vossenlintworm: In specifieke gebieden (zoals Zuid-Limburg en Oost-Groningen) komt de vossenlintworm voor, die voor mensen levensgevaarlijk kan zijn.
4. Hoe vaak moet je ontwormen?
Het oude advies was standaard: “4 keer per jaar”. Tegenwoordig is het advies gebaseerd op de richtlijnen van ESCCAP (European Scientific Counsel Companion Animal Parasites).
Hoe vaak je moet ontwormen hangt af van de levensstijl van je dier:
| Risicogroep | Omschrijving | Advies |
| Hoog risico | Honden/katten in gezinnen met kleine kinderen, dieren die prooien vangen/eten, of vers vlees (BARF) eten. | Maandelijks ontwormen |
| Gemiddeld risico | Dieren die veel buiten komen en contact hebben met andere dieren, maar niet jagen. | 4x per jaar ontwormen |
| Laag risico | Binnenkatten of honden die aangelijnd lopen in een schone omgeving en geen “snackers” zijn van straat. | 1-2x per jaar (of testen) |
Conclusie
Preventief ontwormen doe je niet alleen voor de gezondheid van je hond of kat, maar ook voor de gezondheid van jezelf en je (klein)kinderen. Het is een kleine moeite die veel ellende kan voorkomen.
Twijfel je over welk middel je moet gebruiken of hoe vaak jouw dier behandeld moet worden? Onze deskundige medewerkers helpen graag!
Maak wormen geen kanshebber in jouw huishouden.



