De drie meest voorkomende voedingsfouten bij paarden
Dierenartsen schatten dat maar liefst 70% van de aandoeningen bij paarden direct of indirect wordt veroorzaakt door verkeerde voeding. Hoewel elke paardenhouder het beste wil, zijn er enkele veelgemaakte fouten in het rantsoen die de gezondheid in gevaar brengen.
Hieronder vind je de drie belangrijkste valkuilen en hoe je deze kunt vermijden:
1. Te weinig en/of slechte kwaliteit ruwvoer
Ruwvoer (hooi, voordroog) is de absolute basis van het paardenrantsoen en essentieel voor een gezonde spijsvertering.
- Wegen = Weten: Weeg de hoeveelheid ruwvoer nauwkeurig. Een paard heeft minimaal 1.5kg droge stof per 100kg lichaamsgewicht per dag nodig om de vezelvertering gezond te houden.
- Controleer de kwaliteit: Beoordeel het ruwvoer op geur, uiterlijk en structuur. Als je twijfelt aan de voedingswaarde of bang bent voor tekorten (mineralen, eiwitten), laat dan een ruwvoeranalyse uitvoeren.
- Meerdere voerbeurten: Geef je paard minimaal 3 keer per dag ruwvoer, zodat de maag nooit te lang leeg is. Continu voeren is ideaal voor het welzijn en de maaggezondheid.
2. Te veel aanvullingen en extra’s (overvoeding)
Vaak krijgt een paard onbedoeld te veel energie binnen via krachtvoer, brokken of muesli, naast het ruwvoer.
- Basisbehoefte: Paarden die slechts lichte arbeid verrichten, hebben naast voldoende ruwvoer vaak alleen een kleine aanvulling nodig ter dekking van vitaminen en mineralen.
- Prestatiepaarden: Zelfs paarden die stevig presteren, hebben zelden meer dan 3kg krachtvoer per dag nodig. Het geven van onnodige extraatjes verhoogt de kans op overgewicht en stofwisselingsproblemen.
3. Te snelle overgangen in het rantsoen
Het spijsverteringskanaal van het paard is gevoelig voor plotselinge veranderingen in voersamenstelling. Een constant rantsoen is het beste.
- Graswisseling: Wees extra voorzichtig in het voorjaar bij de overgang van stal naar weide.
- Wenperiode: Laat je paard langzaam wennen aan het nieuwe weiderantsoen door de weidegang elke dag geleidelijk (bijvoorbeeld met een uur) uit te breiden. Dit voorkomt spijsverteringsproblemen en vermindert het risico op aandoeningen zoals hoefbevangenheid.
